Rouw en verlies

Wie iemand verliest, moet rouwen. En dat doen we misschien te weinig. We gunnen ons bij wijze van spreken te weinig rouw. Dat verlies kan van diverse aard zijn: het sterven van een geliefd persoon, een relatiebreuk, een groot conflict met je kind, maar evengoed het verliezen van een waardevol ding. Hoe ga je daarmee om zonder jezelf te verliezen?


Het is toch wennen.
Ontbijttafel zonder jou.
En ruzies missen.

Afhankelijk van de aard van het verlies zullen er verschillende manieren van rouwen zijn. Rouwen mag je dus niet alleen zien als treuren om een gestorven geliefde. Het is treuren om iets wat je in zekere zin kwijt bent. Bij een sterfte is de persoon fysiek voorgoed kwijt, de emotionele band blijft echter even sterk bestaan. Bij een relatiebreuk ben je de andere enerzijds fysiek kwijt, maar tegelijk ook emotioneel. En dat terwijl de persoon in kwestie niet echt kwijt is. Hij of zij is nog steeds te zien of te vinden. Dat vergt een andere manier van rouwen om het verlies.

Traject

Met iets wat je verliest, verlies je ook altijd iets van jezelf. Omdat je een stukje van jezelf aan iets wat je dierbaar was hebt vastgeklonken. Omgaan met dat verlies is niet niets. Hoe doe je dat? Hoe pak je het rouwen aan en wat doe je beter wel of beter niet? Via gesprekken kan een therapeut je daarbij op weg helpen en je tijdens je rouwtraject ook begeleiden. En je moet het werkelijk zien als een traject: een weg die je moet afleggen. Die kan kort of lang zijn. Eén ding heeft elke weg rouwweg echter gemeen: er komt een eind aan. En dat wil niet zeggen dat je het ‘verlorene’ ook echt moet vergeten. Het is vaak een kwestie van er tijdens je traject anders mee te leren omgaan.